Nieuwjaarswens
Vt prIMVs annVs noVI DeCennII CVnCtIs
LaetVs feLIX InspIrans saLVbrIsqVe sIt
Vt prIMVs annVs noVI DeCennII CVnCtIs
LaetVs feLIX InspIrans saLVbrIsqVe sIt
Er zijn zoveel schrijfstijlen als er schrijvers zijn. In deze internet-tijd kun je dat wel stellen. Tweets of twitterberichten ogen heel anders dan een processtuk van een advocaat.
Voor een artikel in 2004 over het achtste eeuwfeest van Rolduc in 1904 heb ik nogal wat kranten moeten doornemen uit die tijd. Daar kom je schrijfstijlen tegen die je nu niet meer voor mogelijk houdt.
Het was ook een politiek feest dat iets te maken had met netwerken, al bestond dat woord toen nog niet. Zo schreef de Nieuwe Limburger Koerier bijvoorbeeld: "Nooit tevoren zal een katholieke onderwijsinrichting in Nederland de eer hebben genoten zulk elite gezelschap van geestelijke en wereldlijke Hoogwaardigheidsbekleeders en eminente mannen in zijn midden te zien, als Rolduc gisteren herbergde".
Maar zo'n zin bedoel ik nu niet eens. Ik vraag uw aandacht voor een andere zin, namelijk deze uit de Rotterdamse Maasbode van 12 juli 1904:
"Zoo wij Roermonds beminden Kerkvoogd, Mgr. Drehmans, niet noemen in de rij der hooge kerkelijke waardigheidsbekleders, te Rolduc heden verenigd, is het enkel omdat zijne aanwezigheid van zelf spreekt."
Dit is zo’n zin die je twee keer moet lezen om hem één keer te begrijpen. Het kan korter, zou je denken, zo bijvoorbeeld: "Mgr. Drehmans was er natuurlijk ook".
Maar dan is het plechtige er vanaf. De 140 toegestane tekens van de huidige twitterwetten zullen het ons wel afleren om nog ooit zo’n lange deftige zinnen te gebruiken.
Herhaling! Herhaling!
De media zijn aan het herhalen geslagen. Dan kunnen veel medewerkers met kerstvakantie. Mblog heeft nooit vakantie. Dan kan er toch zeker één herhaling vanaf, en deze gaat niet eens over ellende, alleen maar over Albert Verlinde, zijn geroddel en de kikkers van Ovidius.
"RTL Boulevard een slangenkuil", riep Beau van Erven Dorens nog onlangs, en als Beau dat roept …
Hoe dan ook, genoeg reden om een Mblog van 24 oktober 2007 te herhalen. Het stukje is nog altijd geldig:
RTL Boulevard
Het moet er maar eens van komen. Ik moet het maar eens bekennen: elke keer als ik RTL Boulevard zie, met de kwekkende Albert Verlinde en consorten, denk ik aan die dichtregel van de Romeinse dichter Ovidius, de auteur van o.a. Metamorphoses (Gedaanteverwisselingen), een bundel verhalen uit de Griekse mythologie.
De dichtregel uit Metamorphoses luidt:
Quamvis sint sub aqua, sub aqua maledicere temptant.
Het gaat hier over kikkers en de vertaling is: "Hoewel ze onder water zijn, proberen ze onder water kwaad te spreken", of vrij vertaald: zelfs onder water gaan ze door met hun roddelpraatjes. Het leuke van deze Latijnse dichtregel is dat de woorden sub aquá sub aquá het geluid van kikkers nabootsen als je de klemtonen goed legt: Quamvis sint sub aquá, sub aquá maledicere temptant. Sub aquaaaa sub aquaaa .... kwaa kwaa ! Probeer het maar eens hardop uit te spreken, dan hóór je de kikkers.
Ovidius werd geboren in 43 vóór Christus. Dankejewel Ovidius, je bent nog steeds actueel!
Hup Albert, hup consorten, ga maar door met kwekken en kwaken; jullie doen het meesterlijk, maar ik geloof toch maar de helft.
Wilhelmus Marinus van Rossum (1854-1932), geboren te Zwolle, overleden in het Limburgse Wittem.
Hij was pater Redemptorist, werd naar Rome geroepen en daar door paus Pius X in 1911 tot kardinaal benoemd. Hij had toen al veel indruk gemaakt in Rome.
In 1918 werd hij kardinaal-prefect van de 'Propaganda Fide', zeg maar van het missie-departement van de Kerk.
Over hem gaat het verhaal dat de paus hem ooit vroeg:
"Hoeveel katholieken heeft Nederland eigenlijk?"
Tja, daar had de kardinaal op dat moment geen idee van. Bovendien spraken de paus en Van Rossum Latijn met elkaar. Dat was toen gebruikelijk in die kringen. Nu was Van Rossum in Wittem ook nog hoogleraar Latijn geweest, maar hoe vertel je de paus in het Latijn dat je niet weet hoeveel katholieken er in Nederland wonen?
De Nederlandse kardinaal zei toen maar:
"Si occideris me"
… en dat betekent: al sla je me dood.
Mooie tijden waren dat.
Een vraag aan iedereen die zich al maanden van te voren druk maakt over de kerst:
Zo, nu heb je je kerstmis, hoe voel je je nou?
Dit was het dan. Gisteravond de laatste aflevering. En weer een goeie. Het programma moest verdwijnen omdat er minder zendtijd beschikbaar komt voor de TROS, zegt de directeur. Het zal wel.
Het satirisch spotten met het nieuws van de laatste week was zo goed dat het eigenlijk niet bij de Tros paste. Niet voor niets heeft het woord vertrossing de Van Dale gehaald: 'amusement zonder diepgang'. Maar Dit was het Nieuws was een uitzondering.
Het trio Harm Edens, Raoul Heertje en Jan Jaap van der Wal wist iedere keer weer lachsalvo’s bij het publiek te veroorzaken, deels met improvisatie, deels met voorbereide teksten. Aan de improvisaties deden telkens twee gasten mee, en of die nou ad rem waren of wat zaten te suffen, het trio wist er wel weg mee.
Bij alle onderdelen van het programma, of het nou bij commentaar op krantenkoppen was of bij nieuwsfoto’s, altijd lag de verrassing op de loer. En soms hoorde je een paar minuten alleen maar slap geouwehoer, en ook dat kan leuk zijn, als het maar goed gebeurt.
Eén grap van gisteravond. Na een commentaar-rondje bij de blunders van de Noord-Zuidlijn in Amsterdam kijkt Harm Edens strak in de camera en zegt:
"Amsterdam is nu zo’n puinhoop dat toeristen de stad bezoeken om te zien hoe Rotterdam er uitzag na de bombardementen".
Na zo’n vondst mogen ze van mij nog tien jaar doorgaan.
Gisteravond deed hij zijn laatste Achtuurjournaal.
Alom werd hij geprezen.
Hij was inderdaad niet de eerste de beste,
ik gun hem alle lof.
Maar of hij de beste was?
Ik twijfel.
Hij wordt vergeleken met Walter Cronkite van CBS News.
Maar dat is te veel eer.
Walter Cronkite schreeuwde nooit.
Philip Freriks ook niet, maar het was er soms niet ver vanaf.
Hij was te nadrukkelijk aanwezig.
Een nieuwslezer moet niet met te veel opsmuk presenteren.
Daar word je als kijker onrustig van.
Een nieuwslezer moet eigenlijk niet opvallen.
Hij moet het nieuws presenteren, niet zichzelf.
De televisierecensent van de Volkskrant, Jean-Pierre Geelen, zal het niet met mij eens zijn, want wat vond hij van Philip?
"Rustig, beheerst, met een dictie die hem autoriteit en geloofwaardigheid verschaft. Een ideale presentator." (Volkskrant 18 december)
Dat vond ik dus allemaal niet.
Philips stem stormde de kamer binnen, rauw soms, je verstond hem wel goed, maar dat kon ook wat ingehoudener. Dat zou zijn geloofwaardigheid niet geschaad hebben. Er zat te veel spanning op.
Zojuist zag ik het journaal van zes uur, presentatie: Astrid Kersseboom. Haar naam stond erbij, anders was ik vergeten hoe ze heette. Ik heb haar altijd goed gevonden, geen theater, gewoon vertellen wat je te zeggen hebt, en duidelijk spreken ook nog.
Zo zijn er gelukkig wel meer in Hilversum, dus Nederland is niet verloren.
Philip Freriks wordt opgevolgd door Rob Trip.
Trip is een uitstekend interviewer, presenteert ook de serie "De oorlog". In Buitenhof stelt hij de goeie vragen, zonder komedie en zonder effectbejag. Van mij krijgt hij een tien, maar of hij slaagt als nieuwslezer? Ik hoop het, maar ik constateer dat hij de laatste woorden van een zin soms wat binnensmonds houdt, niet genoeg verstaanbaar dus. Dat zou hij dus van Philip Freriks kunnen leren, dat ook de laatste woorden van een zin verstaanbaar moeten zijn.
Vooruit Rob Trip, laat-ie goed zijn!
M’n winkelwagentje duwt het klapdeurtje open.
Op het klapdeurtje staat de tekst:
Lekkere kerst!Jumbo houdt het betaalbaar!
Jezus nog aan toe!
Jááá, daar zag ik het weer, nu in een muziekrecensie van de Volkskrant:
Feestelijke noten bij Maria’s onbevlekte ontvangenis
Ik dacht als dat maar goed gaat, - en het ging niet goed. Dus stuurde ik een stukje naar de Volkskrant. Vandaag zag ik dat iemand uit Oldenzaal ook op het idee gekomen was, zijn stukje werd geplaatst. Het was iets korter dan het mijne. Oké. Als de waarheid maar triomfeert.
Wat schreef ik aan de Volkskrant? Dit:
"Daar staat het weer in de Volkskrant, in een recensie van een uitvoering van Bachs Magnificat:
'Mijn ziel verheft de Heer' - Maria jubelt de woorden nadat een engel haar heeft ingelicht over haar onbevlekt verkregen zwangerschap. Bach schreef er feestelijke noten bij.
Het betreft hier een recensie door Guido van Oorschot (Volkskrant 15 december). Het is niet de eerste keer dat in de Volkskrant en ook in andere kranten en boeken de onbevlekte ontvangenis van Maria verward wordt met de maagdelijkheid van Maria.
Volgens de geloofstraditie is Maria, dochter van Joachim en Anna, onbevlekt ontvangen, geconcipieerd. Onbevlekt ontvangen wil hier zeggen: zonder erfzonde op haar ziel geboren. Alle andere mensen worden geboren met de erfzonde, maar de aanstaande moeder van Jezus kon toch moeilijk die erfzonde in zich hebben, dacht men. Zij werd dus in de schoot van haar moeder Anna ontvangen met een onbevlekte ziel.
Ja, ik heb het ook niet uitgevonden, het is een geloofstraditie. Na eeuwen discussies heeft de katholieke kerk in 1854 het dogma van Maria’s onbevlekte ontvangenis afgekondigd. Onbevlekte ontvangenis is dus iets anders dan zwanger worden zonder man. De term onbevlekte ontvangenis wordt vaak verward met de term maagdelijkheid van Maria. Veel journalisten en schrijvers verwisselen die twee dingen, en niet de minsten: Rascha Peper, Jeanne Doomen, Elsbeth Etty en zelfs Harry Mülisch. Dit zo ongeveer heb ik ook tien jaar geleden al in de Volkskrant geschreven, maar het helpt niet."
Vanmorgen stuurde Marie Louise Schipper van de Volkskrant mij deze mail:
"Hartelijk dank voor brief, die wij met belangstelling hebben gelezen.U heeft natuurlijk geheel gelijk. Wij zullen onze uiterste best doen dergelijke fouten in de toekomst te voorkomen.
Wij danken u dat u de moeite heeft genomen ons te schrijven."
Niks te danken, maar o wee als ik over tien jaar weer moet protesteren!