Bert Bakker (D66) en de caravanclub

Wie naar de radio luistert, verneemt wel eens wat. Zo hoorde ik onlangs op BNR Nieuwsradio een column van Maarten van Kempen. Deze advocaat, gespecialiseerd in arbeidsrecht, gaf Bert Bakker en zijn Tweede-Kamerkornuiten flink ervanlangs. Bakker had zich nogal boos gemaakt over de extreem hoge ontslagvergoedingen bij semi-publieke organisaties, zoals ziekenhuizen en woningcorporaties, zó boos dat hij zei:

Ik zou m'n oren van mijn kop schamen met zo'n handdruk, en niet meer over straat durven. Aan de bedragen kun je zien dat het gewoon niet deugt. Het gaat hier om belasting- en premiegeld, dat hoort niet in je eigen zak, maar is voor verpleging en verzorging.

Daar had Maarten van Kempen wel wat op te antwoorden, want hoe zit het eigenlijk met de afvloeiingsregelingen van Bert Bakker en zijn Tweede-Kamercollega's?

Maarten van Kempen:

"Nou maakt u zich maar geen zorgen. Zij hebben een wettelijk vastgestelde wachtgeldregeling, namelijk de 'Wet van 10 december 1969, houdende nieuwe regeling van de toekenning van uitkering en van pensioenen van politieke ambtdragers zomede van pensioen en hun nabestaanden'.

Volgens artikel 52 van deze wet ontvangen Tweede Kamerleden die aftreden wachtgeld voor een periode gelijk aan de tijd waarin de betreffende persoon kamerlid is geweest, maar tenminste voor de duur van twee jaar en ten hoogste voor de duur van zes jaren. Het eerste jaar 80% van het salaris en de daarop volgende jaren 70%. Als je deze regeling vergelijkt met de WW-uitkering dan valt op dat kamerleden ook wachtgeld krijgen als ze zelf ontslag nemen, dat ze geen sollicitatieplicht hebben, dat de uitkering veel hoger is dan de WW en de uitkeringsduur ook nog veel langer.

Interessanter is nog de regeling voor de Diehards in de Kamer. Kamerleden die op het moment van aftreden 50 jaar en ouder zijn en gedurende een tijdvak van 12 jaren tenminste 10 jaar kamerlid zijn geweest, ontvangen wachtgeld totdat hij of zij de 65-jarige leeftijd bereikt. Het prepensioen dat voor heel Nederland is afgeschaft geldt nog wel wel voor kamerleden en wel vanaf 50 jaar!

Ik geef een voorbeeld:

Laten we nemen een kamerlid van 52 dat drie zittingstermijnen van vier jaar heeft uitgezeten en na de verkiezing van november van dit jaar niet meer terugkeert in de Tweede Kamer. Dit Kamerlid kan met de caravanclub naar Italië en heerlijk tot zijn 65e jaar genieten van zijn wachtgeld, namelijk in het eerste jaar 80% van zijn salaris en de twaalf jaar daarop 70%. Als je dit uitrekent ontvangt zo'n kamerlid grofweg 10 jaarsalarissen voor 12 jaar trouwe dienst. Zet je deze ontslagvergoeding nou af tegen de kantonrechtersformule dan zou een gewone werknemer een ontslagvergoeding ontvangen van hooguit 19 maandsalarissen. Voor kamerleden is dit 120 maandsalarissen!

Op de website van de Tweede Kamer  vond ik de lijst van kamerleden op basis van anciënniteit. Aan de hand van deze lijst kun je precies vaststellen wie lid zijn of kunnen worden van de caravanclub. Kijkt u zelf maar eens. Na de verkiezingen van november 2006 zijn dit er volgens mij 14. Ik feliciteer dan ook de leden: Van der Vlies, Weisglas, Van de Camp, De Vries, Kalsbeek, Dittrich, Marijnissen, Noorman-Den Uijl, Verhagen, Hofstra, Lambregts en De Haan met dit lidmaatschap. Tegen Bert Bakker zeg ik, nog twee jaar en dan kom je ook in aanmerking voor het lidmaatschap. Dus zorg dat je in de kamer komt na de verkiezingen.

Daar waar politici nu om het hardst schreeuwen dat zij de ontslagvergoedingen in de semi-publieke sector willen aanpakken, zou het goed zijn als maatschappelijk signaal dat ook de eigen wachtgeldregeling opnieuw wordt bezien. Bert Bakker heeft het al gezegd:

Ik zou m'n oren van mijn kop schamen met zo'n handdruk, en niet meer over straat durven. Aan de bedragen kun je zien dat het gewoon niet deugt. Het gaat hier om belasting- en premiegeld, dat hoort niet in je eigen zak, maar is voor verpleging en verzorging.

En zo is het!"

Tot zover een fragment uit de column van Maarten van Kempen. Ik heb op 23 juli een e-mail gestuurd naar Bert Bakker en hem gevraagd wat zijn reactie is op de column van deze grappige advocaat arbeidsrecht. Ik heb nog niets gehoord. Bert Bakker heeft het te druk met de verkiezingen van 22 november, denk ik. Hij hoeft nog maar twee jaar...

Gert-Jan Dröge vertelt

Een harpiste die iets verkeerd deed bij een repetitie onder leiding van een Duitse dirigent, moest een bepaalde passage apart spelen. Dat schijnt al vernederend te zijn. Het lukte niet goed. Ze moest die passage nog eens spelen. Dat ging nog slechter. Toen werd de dirigent radeloos en zei tegen de harpiste: "Das weisze, das ist Papier, das Schwarze, das sind die Noten."

Dorien Pessers

In het Nederlandse onderwijs is cultuuroverdracht vervangen door een communicatie-ideologie. Zonder cultureel besef  betekent communicatie echter niets anders dan  de aansluiting van het ene lege hoofd op het andere lege hoofd

Dit schreef Dorien Pessers in De Volkskrant van 22 april 1997. Intussen klinkt menig hoofd nóg holler.

Risicovol? Kom nou!

Hoeveel ministers en kamerleden hebben intussen niet al gezegd dat de missie in Afghanistan belangrijk maar risicovol is? Waar is toch ons duidelijke woordje ‘riskant’ gebleven? Al jaren niet meer gehoord. Ik snap het wel: als je zegt dat onze militairen in Afghanistan een riskante tijd tegemoet gaan, dan worden hun moeders banger dan wanneer ze horen dat het een risicovolle onderneming is. Van Dale (1995) kent het woord 'risicovol' niet eens. Wel ‘riskant’ en dat betekent dan ‘gevaarlijk’, ‘gewaagd’, en dus is men bang voor dat woordje. ‘Risicovol’ zeggen is verhullen, bang zijn om de waarheid te vertellen. Wie ‘risicovol’ zegt, denkt dat-ie diplomatiek is, maar hij is gewoon laf.

Zo is het

Gek, hè, die wetten van het nieuws. Niet de verongelukte militairen in Afghanistan, niet de dagelijkse berg versplinterde lichamen in Bagdad, niet de bloedige gevechten in het Midden-Oosten openen de nieuwsbulletins op deze avond, maar de winnaar van de Tour de France die de boel belazerd heeft. Geen gezeur, zo zijn de wetten van het nieuws.