Diplomatie via muziek en sport

Op weg naar de tentoonstelling Go China! in Groningen en Assen lees ik in kranten over het concert van The New York Philharmonic Orchestra in de hoofdstad van Noord-Korea, Pyongyan.

Verbroedering. Toenadering.

Wat China betreft zeggen we: laten we het doen met sport (Olympische Spelen).

Met het stalinistische Noord Korea heeft Amerika het dezer dagen met muziek geprobeerd.

Een driehonderd man sterke delegatie van het New Yorks Philharmonisch Orkest gaf in de hoofdstad een indrukwekkend concert met werken van Gershwin, Dvorak en Wagner. De Volkskrant schrijft: "Niet eerder was een dergelijk Westers instituut te gast in deze geïsoleerde, totalitaire staat en sinds het eind van de Koreaanse oorlog (1953) zijn hier nooit meer zoveel Amerikanen tegelijkertijd geweest; in totaal is bijna 400 man toegelaten tot het land dat normaal gesproken potdicht zit."

En zo klonken dan in februari 2008 de volksliederen van Noord-Korea én de Verenigde Staten, allemaal live uitgezonden op de Noord-Koreaanse staatsradio en televisie.

Ach, wie weet helpt het wat. Misschien dat Noord-Korea wat minder interesse krijgt in het atoombommetjes willen maken en dat China wat meer gaat doen voor zijn miljoenen boeren die hun gezinnen moeten verlaten om duizenden kilometers verder een beetje geld te verdienen om hun dierbaren, die ze maar een paar weken per jaar zien, in leven te houden.

Waar sport en muziek al niet goed voor zijn.

Intussen: ga toch maar eens kijken naar de tentoonstelling over het Terracotta Leger van de Eerste Keizer van China in het Drents Museum te Assen en het Groninger Museum in Groningen. Het kan nog tot 1 september.

Media_httpi75photobuc_ribrb