Koeien
Daar liggen ze, koeien in stromende regen. Ze liggen al uren in de zompige wei voor ons huis. Ze rillen niet van de kou. Ze lopen zich niet warm. Ze schuilen niet onder een boom. Laat maar regenen, denken ze.
Maar het kan toch erger, op het wolkbreukerige af. Wat doen de koeien dan? Blijven ze liggen in de zonnebad-stand?
Zo gek zijn ze nou ook weer niet. Zodra één koe zich opricht komen andere koeien ook op het idee, en zo voor en na stappen ze op, er komt zelfs een zekere vaart in hun loopje, en na een paar minuten is de wei leeg. Ze hebben hun weg naar de stal van de boer gevonden.
Koeien.
Hebt u ze wel eens in de ogen gekeken? Hebt u ooit enthousiasme ontdekt in hun blik? Of paniek? Ze kijken altijd alsof er niets bijzonders gebeurt. Er gebeurt ook nooit iets bijzonders voor hen. Ze vinden alles logisch. Daarom kijken ze ook zo logisch.
Ik weet maar één uitzondering. Je ziet het wel eens op televisie. Als ze het slachthuis worden ingereden of er naartoe gestroomstokt. Zo gevoelloos zijn ze nu ook weer niet.
Arme koeien.