Plastic soep
Op dit moment schijnt de volle zon, hoog aan een strak blauwe hemel. Misschien is dit een gunstig moment om even na te denken over een minder gunstig toekomstperspectief.
Op 6 maart viel ik toevallig in een uitzending van Omroep Fryslan. Het ging over plastic soep. Plastic soep? Kijk maar naar de foto. Daar drijven twee bergen afval in zee. Als ik het goed onthouden heb, zijn die bergen in oppervlakte groter dan Noord- en Zuid-Amerika bij elkaar.
Vogels en vissen komen daarop af en eten ervan. Kijk maar naar het binnenste van deze dode vogel.
Er bestaan ook heel grote vogels en heel grote vissen. Die "eten" ook heel grote plastic voorwerpen. Kijk maar naar onderstaande foto.
Plastics blijven plastics. Ze brokkelen af tot kleine stukjes die niet meer zichtbaar zijn in het milieu, maar ze zijn er nog wel degelijk. Plastic breekt steeds verder op in kleine stukjes; die stukjes worden microscopisch klein van formaat, maar het blijft plastic met de eigenschappen van plastic. En een van de vervelende eigenschappen van plastic is dat er allerlei chemicaliën in zitten.
Als dit soort plastic door vissen, kleine garnaaltjes of door schelpdieren in hun systeem komt, wat doet dit dan met de voedselketen in zee? De mens is eindgebruiker en je ziet het probleem al aankomen.
Onrustbarende gevolgen zijn: verstoring van het zenuwstelsel, kankerverwekkende dingen, hormoonverstorende effecten.
De vraag is hoe ver en in welke gehaltes komt dat in de voedselketen van dier en mens terecht?
Deze man op een strand in Friesland vertelt dit allemaal.
Hij toont een plastic baal. Het plastic is al aan het afrafelen. Toen een schipper dat uit z’n boot gooide, was het mooi weg, althans voor die schipper, maar niet echt.
De man op het strand zegt: wat de maatschappij aan kosten moet maken om het op te ruimen, is verschrikkelijk. We zijn heel raar bezig met zijn allen.
De rotzooi in zee, chemicalien in de voedselketen, verstoringen van ons zenuwstelsel …
Op zo’n zonnige dag als vandaag hebben we misschien meer kracht en bereidheid om over deze trieste toekomst na te denken en er misschien iets tegen te doen.